VOLK – Ook zuster van Hubert en Jan Van Eyck schilderde


header copie - aangepast persblog.be - kopie (2)persblog.be – Verhalen uit en over Gent – naar hoofdpagina

“een huis geheel door den schildergeest bezield en overgoten was, daer oock hun zuster Margriete van Eyck vermaard is om haar grote bekwaamheid in het schilderen en als een wijze Minerva, die Hymen en Lucina schuwde, tot het einde van haar leven ongehuwd is gebleven”

VOLK/ STAD – 11 april 2020Over het leven van Jan van Eyck is bijzonder weinig geweten. Hij had een oudere broer Hubert, een jongere broer Lambert en een zus Margareta. Allen waren ze schilders. Over Margareta is verwarring omdat ook de echtgenote van Jan zo heette.

De Van Eyck’s zijn afkomstig uit het Maasland, mogelijk uit de stad Maaseik, toen onderdeel van het prinsbisdom Luik. Vooraleer ze in Gent verzeilden, waren ze in de Noordelijke Nederlanden aktief.

Turijn-Milaan-Getijdenboek – Miniaturen toegeschreven aan Margaretha van Eyck – pic wikipedia

Opgepast: Jan’s partner heette ook Margareta. Zij werd met de familienaam van haar man aangeduid, waardoor eigenlijk twee Margareta’s Van Eyck bestonden. Nam men later de echtgenote voor de zuster? Heeft ze echt bestaan?

Portret van Margareta van Eyck – niet de zuster wel de echtgenote – pic wikipedia

De zuster was ongehuwd gebleven en zou naast haar broer Hubert begraven liggen. Hubert werd vermoedelijk begraven in de crypte van de Vijdkapel in Sint-Jan, nu de kathedraal Sint-Baafs.

“Lucas de Heere : Hubert ligt hier begraven, zijn zuster naast hem.”

Grafsteen van Hubert Van Eyck

“Wij mogen niet vergeten dat de vrouw van Jan eveneens Margaretha noemde. In welke mate heeft men in de 16de eeuw deze weduwe niet aanzien als een zuster? Het was vrij voorkomend dat een schilder huwde met een vrouwelijke kollega [sic]”

Soms wordt Margriete geschreven als Margareta wordt bedoeld. Voor zowel de zuster als de echtgenote. De naam van de zus wordt hierna door de auteur Rudy van Elslande Margaretha gespeld.

Hierna volgt een passage door Rudy van Elslande in zijn artikel ‘De Van Eycks te Gent’, beschikbaar op google in een pdf.

udy Désiré Armand van Elslande

“De zuster van Jan en Hubert. In geen enkel eigentijds document wordt Margaretha van Eyck vermeld. Lucas de Heere (…) verhaalt in zijn ode aan het Lam Gods “de suster hem (Hubert} ontrent, die met haer schilderije oock menigh heeft verwondert”.

… De naam Margaretha wordt voor het eerst door van Vaernewijck en daarna door van Mander genoemd: “een huis geheel door den schildergeest bezield en overgoten was, daer oock hun zuster Margriete van Eyck vermaard is om haar grote bekwaamheid in het schilderen en als een wijze Minerva, die Hymen en Lucina schuwde, tot het einde van haar leven ongehuwd is gebleven”.

In 1675 vermeldde Sandrart Joachim enkele biografische gegevens over de zuster, die wij eerder tot het rijk der fabelen verwijzen. In de nota’s van de kunstenaars wordt vermeld dat Margaretha bij haar broer in Gent werkzaam was, in welke mate baseerde de auteur zich niet op (…) valse documenten?

Waarschijnlijk is Margaretha vóór haar broer overleden, daar de erfgenamen niet te Gent woonachtig waren. De aanvaarding enkel door haar geslacht dat zij een miniaturiste was, is niet langer meer te houden.
Agnes van den Bossche schilderde tevens op panelen en beschilderde vaandels. Om hogervermelde reden zijn sommige auteurs van mening dat Margaretha de ‘Heures de Turijn en de Milaan’ voltooide.

In 1437 kopen Jan en Margriete van Eycke, kinderen Willems van Eycke
een lijfrente te Brussel.
Panofsky vraagt zich af of het niet mogelijk is dat het hier gaat om de schilder en de vermeende zuster: “Jan ende Margriete van eyck kinderen Willems van Eyck die men jairlix sculdich is als voren v. riders te betalen als voren dairom hier van kesmesse voirs. by quittance … Overgegeven 2 1/2 r. “.
Deze lijfrenten werden uitgeschreven als een bron van inkomsten voor
de hertog [Filips de Goede], om zijn schulden aangaande de Honderdjarige oorlog te kunnen afbetalen.
Regelmatig vindt men de inschrijvingen van de (half-) jaarlijkse uitkering
der lijfrente aan ‘Janna ende Magriete van eycke’ tot in 1493, in dat jaar
werd het bedrag terugbetaald: “Dese v ryders hier geroyeert (geschrapt) worden wederom verhaelt ende genomen in uutgeven byder rekeninghe eyndende ultima septembris {Cxvc {1494) een Fr 60 causa ut ibi). Nota. Et obijt Jan van Eycke omnium sanctorum xciij”.

Hieruit leren we dat deze Jan van Eycke stierf op 1 november 1493.
Wij mogen niet vergeten dat de vrouw van Jan eveneens Margaretha noemde.
In welke mate heeft men in de 16e eeuw deze weduwe(…) niet aanzien als een zuster? Het was vrij voorkomend dat een schilder huwde met een vrouwelijke kollega [sic]. Beiden hadden ze een zoon, van wie de hertog peter was, en een dochter Livina.

Een belangrijke aanhaling die zou kunnen staven dat hun zuster Margaretha inderdaad te Gent werkzaam was geweest, vinden we reeds vermeld in de hoger aangehaalde tekst van Lucas de Heere : Hubert ligt hier begraven, zijn zuster naast hem.
Dr. Waterschoot opperde de mogelijkheid dat zij naast haar broer begraven was – een traditie die we ook elders in Vlaanderen aantreffen – mogelijks hebben de 2 auteurs haar naam gelezen op het grafschrift. Wij moeten er wel rekening mee houden, dat de erfgenamen van Hubert niet te Gent woonden. Heeft Margaretha zich na de dood van haar broer in de Arteveldestad gevestigd of heeft men haar lijk terug opgegraven om het bij dat van haar broer bij te zetten ?”

 

Vlaamse Kaai

Vlaamse Kaai 109 – 112 ‘Villa Dry Van Eycks
Vlaamse Kaai – beeltenis van Hubert, Jan, Margareta (uitklikbaar)

Aan de Vlaamsekaai 109-112 staat het enige overblijvende herenhuis (van de vier) gewijd aan beroemde Vlaamse schilders, volgens een opschrift op de deurdorpel heet de woning ‘Villa Dry Van Eycks‘. De woning is in de stijl van het eclecticisme door architect Jacob Gustaaf Semey.
In de boogvelden aan de bovenvensters staan gesculpteerde portrethoofden van Jan, Hubert en Margareta Van Eyck.
De samenhorigheid van de villa’s aan de Vlaamse Kaai komtook voort uit het feit dat ze gewijd zijn aan een of ander Vlaams kunstenaar (schrijver, toondichter of schilder). Van deze merkwaardige huizenrij ging reeds de helft verloren door sloping. Bron: inventaris onroerend erfgoed

 Naar Facebook

Terug naar hoofdpagina

NAAR ARCHIEVEN

Lees ook op deze blog:

VOLK – ARTIKELOVERZICHT 2019-2020
STAD – ARTIKELOVERZICHT 2019-2020