VOLK – Magritte en Hergé leven nog in de Cité


header copie - aangepast persblog.be - kopie (2)persblog.be – Verhalen uit en over Gent – naar hoofdpagina

VOLK/ EVENT  19 november 2017 – Kunstenaars zijn creatievelingen, vaak van weinig woorden. Hun zielenleven en hun ervaringswereld komen het beste tot uiting in hun kunstwerken zelf. Gentenaar Jean-Pierre Jacques Remi probeerden we wat te leren kennen door naar hem “luisteren” via het bekijken van zijn werk. En wat hierna volgt, dachten we, hebben we gezien in zijn wereld. Maar laten we eerst de kunstenaar zelf aan het woord en je begrijpt de onmacht om het machtige en almachtige te verwoorden en soms de frustratie die daaruit volgt.

 

Jean-Pierre Jacques Remi

Jean-Pierre Jacques Remi formuleerde ooit zijn “frustratie” ter zake over een fotograaf die hem op een vernissage had gevraagd om hem een rondleiding te geven.

Je had mij gevraagd om wat duiding te geven bij mijn werk/ men heeft mij dat in het verleden nog gevraagd/ of ik werd gevraagd om iemand wegwijs te maken/ (dat was op de openingsavond of zoals men dat mooi noemt :op de vernissage)

de man in kwestie was fotograaf/ hij was nogal kritisch/ hij begreep omzeggens niets van wat hij zag/ en vooral hij miste enige chronologie en 1 duidelijke lijn/ behulpzaam en beleefd heb ik hem rondgeleid/ maar ik kreeg zijn vele vragen niet of nauwelijks beantwoord/ alsof het om een exacte wetenschap zou gaan/ hij moet zowat de eerste en enige persoon geweest zijn met een negatief advies/  

om kort te gaan/ als ik om uitleg gevraagd wordt dan vind ik dat iets eervol hebben/ en mijn antwoord is met de jaren alsmaar korter en korter geworden/ vandaag nodig ik de kijker uit om binnen te stappen in mijn wereld van papier/ en als je goed en of aandachtig kijkt dan begrijp je dat wat je te zien krijgt zichzelf vertelt.”

Voor persblog.be – Verhalen uit en over Gent voegt de kunstenaar daar vandaag aan toe:

Ik denk dat ik hiermee genoeg verwoord heb/ dan geen woorden maar beelden/ en voor u Frank, hartelijk bedankt voor dit unieke podium/ waar ik even op mag/ en voor al diegene die komt kijken/ buig ik nederig mijn hoofd/ ik zeg niets meer”

j e @ / / p i e R r e j @q u e s R e m i

Terug naar hoofdpagina

Jean-Pierre Jacques Remi’s kunst ontstaat aan de Cité de Hemptinnedaar waar het kapelletje van een Romeinse Godin hangt (Lees ook op deze blog: Zomerrubriek nr. 28 en Familie de Hemptinne

En deze kunst is veelzijdig, qua expressievorm en qua thematiek, maar ademt vooral het interbellum uit.

Het begon 20 jaar geleden met het maken van kartonnen kijkdozen. Driekwart er van is verloren gegaan.

Dan volgden de collages/schilderijen. En ook de sculpturen of assemblages – dit zijn in essentie ook collages maar dan driedimensionaal.

 

Een typering van zijn werk is quasi even moeilijk als de creatie ervan. Op straffe van tekortkomingen in de beschrijving, nemen we toch het risico om even kort door de bocht te gaan.

Door een thematiek hybride te benaderen, geeft de kunstenaar aan zijn werk een extra dimensie aan het alledaagse. In de regel: aan een realistisch afgebeeld tafereel komt een bizarre extra dimensie die het geheel een surrealistische kant geeft.

Hij hanteert de ‘klare lijn’, zoals Hergé, pseudoniem voor Georges Remi – en in een paar gevallen is in het werk van Jean-Pierre Jacques Remi, Kuifje niet ver weg.

Bv.: een rood-wit geblokte raket die in enkele taferelen opduikt. Ook de afbeelding van de dubbeldekker zou zo in een Kuifje-album passen, als je abstractie maakt van de moderne stoel. Dat de kunstenaar ook Remi in zijn naam draagt, is toeval. De kunstenaar: “Remi is de tweede naam van mijn vader en ik hanteer die als eerbetoon”. →

Terug naar hoofdpagina

Het werk van Jean-Pierre Jacques Remi lijkt vaak op het resultaat van Hergé en René Magritte die aan dezelfde tekentafel zitten.

Het surrealisme duikt ook op – niet door toevoeging maar – door het veranderen van de setting: bv. een vuurtoren in een landschap zonder zee, maar bij een meer.

Heel vaak komt het monumentale uit de “klassiekebouwkunst naar voor als thematiek, zoals: zuilen en tempels. Maar ook bouwwerken uit ons huidig en vroeger patrimonium: een vuurtoren, een windmolen…

Daar voegt de kunstenaar dan een “vreemd” element aan toe: bv. bij de Toren van Pisa komt een industriële pilaar of een klassieke Romeinse zuil. Dit zorgt voor een extra tijddimensie.

De toegevoegde dimensie kan ook een surrealistisch kantje krijgen. Bv.: in een klassiek tafereel duikt plots een knikker op. Bij een Romeins bouwwerk wordt een Belgische vlag toegevoegd. Heden en verleden lopen door elkaar.

Terug naar hoofdpagina

In sommige taferelen van alledaagse artefacten is niets wat het lijkt. Of: alles multifunctioneel. Bv.: een stoel, tafel en spiegel wordt één en hetzelfde voorwerp. Deze hybriden vindt men ook terug in een andere thematiek van de kunstenaar. Een reeks over dieren en insecten. In meerdere opzichten. Bv.: een insect dat het midden houdt tussen een bij en een vlinder. Bv.: een mechanisch aangedreven eend.

Terug naar hoofdpagina

Dit brengt ons bij de fascinatie voor techniek, wat ook al niet vreemd is aan de stripverhalen van Hergé. In het vermelde geval van de dubbeldekker is dit zeer manifest. En dan is er weer Magritte: een vliegtuig dat in een spiegel verdwijnt. Hier is weerom iets met de tijddimensie gedaan, wat het alledaagse plotseling voorwerp van filosofie maakt.

Maar het bizarre effect is in   andere, gelijkaardige voorbeelden het resultaat van de setting: een airliner boven een zwaan op een open zee (waar ze niet thuishoort), een auto met een vogel aan het stuur…

De fascinatie voor de techniek wordt verder gezet in afbeeldingen van ruimtetuigen, muziekinstrumenten, molens,… maar ook de banale gebruiksvoorwerpen zoals bv. bestek.

Een apart element is de klok. Een polshorloge heeft geen binnenwerk en geen wijzerplaat. Een keukenklok ligt in een pedaalemmer. Wijst de kunstenaar op de relativiteit van de tijd? Hadden we daar in de jaren twintig, dertig ook niet Albert Einstein? Of verzet de kunstenaar zich simpelweg tegen de maatschappelijke druk die, efficiënt tijdgebruik in functie van geldgewin het hoogste goed vindt? Of beide, want de klok in de pedaalemmer verwijst gelijk ook naar een multidimensionaal gegeven.

Het werk van de kunstenaar ademt in vele aspecten het interbellum uit, de tijd van het surrealisme, de art déco, de techniek, de wetenschap, de klare lijn in combinatie met de sierlijkheid der dingen…

Maar even goed sluipt in sommige gevallen de pop-art – late jaren 1950 – binnen in zijn werk. Zoals bv. in blitse Amerikaanse limousines. Grappige bijgedachte: was Einstein zelf niet het voorwerp van pop-art?

Terug naar hoofdpagina

  

In de regel zijn de tekeningen gemaakt in een realistische tekenstijl, maar soms vind je ze ook in een “naïeve” tekenstijl – lees speelse tekenstijl. Eén enkele keer krijgt het monument tegelijk ook een andere kijkversie. Zo wordt een kasteel ineens gelijk een zandkasteel, incluis strandzeil. In combinatie met de ‘klare lijn’ lijkt het hier of je in een Jommeke-album van Jef Nys terecht komt.

Naast zijn liefde voor het interbellum, met haar eigenheid aan techniek, haar kunstenaars en wetenschappers, haar dominante kunststroming, etc…. zet de kunstenaar ook hier en daar de “handtekening” van de stad waar hij zijn kunst maakt. De Sint-Niklaaskerk duikt op, een   blauwgele MIVG-tram, Het Pand en de Sint-Pietersabdij, zij het dan in een Byzantijns-aandoende surrealistische setting.

Ergens omvatten de stijlen van de kunstenaar een volledige levenscyclus: het schijnbaar kinderlijke van Magritte, het jongensachtige van Hergé en het rijpe van Einstein. Misschien is persblog.be met deze statement aan het over-larderen… maar dit doen we enkel uit fascinatie voor Jean-Pierre Jacques Remi.

Terug naar hoofdpagina

Laat de kunstenaar doorheen   zijn werk nog meer in zijn ziel kijken? Allicht wel, voor wie het zienen wil… of überhaupt zienen   kan. De boutade wil dat kunst ontstaat uit pijn. Bv.: dichter en toneelschrijver Joost van den Vondel uit de 17e eeuw   verwoordde het eens vrij vertaald als volgt: mocht ik niet zo veel familiale tegenslagen hebben gehad, dan   had ik allicht nooit zo veel aan literatuur gedaan.

Ergens betiteld de kunstenaar één van zijn werken als volgt: J’ai perdu mon numéro dans l’eau. Je ziet een vijver met veel rubbish. Magritte vond zijn moeder dood in het water…

In een tafereel ‘Voetweg in de sneeuw‘ zie je een tableau met een kind – getooid met een hemd dat een zeventiende eeuwse gekrulde kraag heeft – Antoon Van Dijck? Dat tableau is half ondergesneeuwd. Het kind in de kou? In een tijdsgewricht gedropt dat het zijne niet is? Vandaar de bevreemding…?

Is het beoefenen van kunst een manier om te overleven in een harde wereld? F.D.

 

Jean-Pierre Jacques Remi: “muziek en muzikaliteit lopen als een rode draad doorheen alles wat ik creëer. Kleuren en tonen (geluid) kunnen een mens in vervoering brengen, geloof me, dat werkt (vaak louterend)”

Zie ook de illustraties bij het artikel op deze blog: Dagboek van 55-plus werkzoekende

Terug naar hoofdpagina

NAAR ARCHIEVEN

Naar Facebook

Lees ook op deze blog:

STAD in 2016 - ARTIKELOVERZICHT
VOLK in 2016-2017 – ARTIKELOVERZICHT
STAD in 2016 - ARTIKELOVERZICHT
EVENT in 2016-2017 – ARTIKELOVERZICHT